Kapucijnen in Tilburg (Nederland)

Het klooster in Tilburg werd gebouwd in 1882, kort nadat besloten was om de tot dan toe bestaande Nederlands-Belgische provincie volgens de landsgrenzen op te delen in een eigen Nederlandse en een zelfstandige Belgische provincie. In hetzelfde jaar namen 24 Kapucijnen hun intrek in het nieuwe klooster en werden er verschillende werkhuizen gebouwd op het kloosterterrein. De Kapucijnen in Nederland richtten zich vooral op verschillende vormen van missiewerk, zowel in eigen land als in het (verre) buitenland. In 1905 verlieten de eerste zes paters het klooster in Tilburg om op missie in Borneo te gaan, Nederlandse missionarissen werkten ook in Sumatra (vanaf 1911) en Chili (1959) en Tanzania (1958). In 1965 waren niet minder dan 132 kapucijnen tegelijk actief in de missie. Vele jaren was in Tilburg het missiesecretariaat gevestigd en vanuit Tilburg liepen de lijnen naar de meest uiteenlopende delen van de wereld. Verder was Tilburg ook een studiehuis voor jonge kapucijnen (theologie, missiecursus, pastoraal jaar). Daarnaast waren de termijnbroeders (bedelbroeders) een bekend verschijnsel in Tilburg. Veel kapucijnen hebben geassisteerd in vele parochies van Tilburg en waren actief in de eigen ‘biechtkerk’ of waren verbonden aan de Theologische Faculteit Tilburg (TFT).
Nu is het klooster in Tilburg een verzorgings-/verpleeghuis in eigen beheer omdat de Kapucijnen hun oude en zieke medebroeders zo lang mogelijk in hun eigen klooster willen verzorgen. De vieringen in het weekeinde in de kloosterkerk zijn voor iedereen toegankelijk.