In Memoriam

Kapucijnen die zijn overleden in 2012.

2012
Leopard HollingLeopard Paulus Holling
Geboren: 25 augustus 1923 te Amsterdam
Kapucijn: vanaf 1942
Gestorven: 23 maart 2012 in Tilburg
Begraven op het kloosterkerkhof aldaar.
Net zoals zijn broer Mansuetus werd hij kapucijn. In 1949 ging hij naar West-Borneo in Indonesië. Hij werkte daar tot 1995, eerst in Pontianak, maar het langst in Singkawang. Hij werd daar leider van de ambachtsschool. Na zijn terugkeer in Nederland in 1995 woonde hij in Tilburg, maar hij bleef missionaris in zijn hart.
Leopard was een stoere, rustige doordouwer. Hij was meer doener dan denker. Hij was technisch zeer handig. Daardoor kon hij zich uitleven in zijn missie als technisch man voor de installaties en de uitbouw van het oude ziekenhuis in Pontianak. Later werd hij in Singkawang leider van de ambachtsschool. Hij was goed voor de werkers die ingezet werden voor de bouw van scholen, kerken en pastoriën.
Leopard had een grote opmerkingsgave en hij was humoristisch, waardoor hij moeilijkheden gemakkelijk aankon. Hij behield zijn goede humeur bij tegenslagen. Hij was niet altijd even tactisch, maar zeer bereidwillig om veel werk op te knappen.
Zolang mogelijk was hij in Tilburg, vanaf 1995, bij alles betrokken. Dat gold ook voor zijn banden met zijn familie, waar 'Oom Paul' graag gezien was.
Langzaam verzwakte hij naar lichaam en geest. Hij stierf in alle rust op 23 maart 2012.


Wiro van DiemenWiro van Diemen
Wiro Johannes Cornelis van Diemen, minderbroeder kapucijn
Geboren: 3 februari 1936 te De Vlist
Kapucijn: vanaf 1955
Gestorven: 25 maart 2012 in Medan, Sumatra
Begraven: Op het kapucijnenkerkhof te Sinaksak, Pematang Siantar, Sumatra
Cor van Diemen werd geboren te De Vlist-Haastrecht. Een oom en twee broers van zijn moeder waren kapucijn. Hij ging naar het kapucijnenseminarie te Voorschoten en later in Oosterhout.
Met 15 anderen begon hij op 30 augustus 1955 het noviciaat in Enschede. Hij kreeg de kloosternaam Wiro. Hij was altijd een zeer precies mens. Zijn medestudenten weten nog goed dat hij hen kon aanspreken en dan vroeg: "Je hebt toch wel aan de verjaardag van je zus gedacht?"
Begin 1965 verrok hij met vijf andere kapucijnen naar Noord Sumatra. Hij leerde Indonesisch en Bataks. Hij werkte de eerste vijf jaar in parochies op het eiland Samosir en in Balige. Naast zijn pastoraat werd hij lid van de commissie van de religieuzen, kreeg hij het toezicht op katholieke scholen en verzorgde hij lessen voor zusters.
In 1970 verhuisde hij naar Medan. Daar zou hij de rest van zijn leven blijven. Wiro werd secretaris van de bisschop en vanaf 1973 ook rector van het Elisabethziekenhuis. Hij vervulde tal van andere functies. Hij zette zich altijd onvermoeibaar in, was bijzonder discreet, wijs en precies. Daardoor was hij onmisbaar voor kapucijnen en niet-kapucijnen.
Van december 1979 tot juni 2010 was hij Nederlands consul in Medan. In die functie bemiddelde hij voor talloze Indonesiërs en Nederlanders. In 1995 ontving hij een koninklijke onderscheiding.
Daarnaast deden veel studenten en individuele religieuzen een beroep op hem voor steun en begeleiding.
Na zijn laatste verlof in 2011 verhuisde hij van het bisdomhuis naar het klooster Helvetia in Medan. Hij kreeg op 29 januari 2012 een hersenbloeding. Hij overleed op 25 maart 2012.
Op 14 april 2012 werd er een gedachtenisviering in Tilburg gehouden.


Gabriël MünninghoffGabriël Antoon Herman Jozef Münninghoff
Geboren: 10 april 1920 te Aalst (Waalre)
Kapucijn: vanaf 1940
Gestorven: 8 juni 2012 in Tilburg
Begraven op het kloosterkerkhof aldaar.
Hij studeerde Oosterse Wetenschappen aan het Oosters Instituut te Rome, ging in 1949 over naar de Oosterse Ritus en in 1952 verdedigde hij cum laude zijn dissertatie.
Nadat hij eerst de situatie van de Russen in België en Duitsland had verkend, komt hij in 1953 naar het Pokrofklooster in Voorburg, het centrum van het Oosters Werk van de kapucijnen. In 1981 wordt hij superior van het apostolaat van de Oosterse Ritus met de titel igumen.
Intussen verhuist het centrum in 1983 van Voorburg naar de Raamweg in Den Haag. In 1987 wordt hij Archimandriet gewijd. In 2004 gaat hij met emeritaat en neemt afscheid als leider van het Oosters Werk. In april 2007 komt hij naar het klooster verzorgingshuis in Tilburg. Daar overleed hij op 8 juni 2012 en daar is hij begraven op het kloosterkerkhof.
Vader Gabriël was een markante persoonlijkheid, een ijveraar voor het volk van God. Het was hem nooit te veel zijn mensen op te zoeken het hele land door en ze voor te gaan in de Goddelijke Liturgie. Hij deed dat vooral in de kapellen van Amsterdam en Haarlem, Delft, Utrecht en Rotterdam. Hij zette zich in om het Oosters Werk in één stichting samen te brengen, de Stichting Pokrof. Als archimandriet -overste van een bepaald klooster of regio, maar vooral een eretitel voor verdienstelijk werk- was hij een begeesterd leider, een doorzetter, een fervent schrijver om de spiritualiteit van het Oosters werk door te geven in gezang en geschrift. Daartoe schreef hij heel veel artikelen vooral in het eigen tijdschrift Pokrof.
Vader Gabrië was een pastor voor zijn mensen en had grote zorg voor de kudde, vooral om de eenheid te bewaren bij de nodige verscheidenheid. Na een herseninfarct in 1999 ging zijn gezondheid achteruit en was hij minder mobiel. Hij bleef knokken om weer volledig te kunnen functioneren. Later kwamen nog meer complicaties. Hij moest noodgedwongen Den Haag verlaten en hij kwam in april 2007 naar ons kloosterverzorgingshuis te Tilburg. Hij maakte die overgang op een bewonderenswaardige wijze en met gelovige overgave.
Hij overleed op 8 juni 2012 in Tilburg

Herman PromesHerman Johannes Andreas Promes
Geboren: 21 december 1918 te Hillegom
Kapucijn: vanaf 1937
Gestorven: 29 juni 2012 te Tilburg
Begraven op het kloosterkerkhof aldaar.
Herman Promes was een kapucijn van een bijzonder soort. Hij bleef studeren en schrijven over allerlei thema's, maar hij heeft niets gepubliceerd. Hij kreeg ooit eens te horen: "Herman, dat kan beter!" Dat heeft hem heel zijn leven achtervolgd.
Hij was een perfectionist en iemand die in alles uiterst sober was. Hij studeerde Indologie en ging naar Sumatra, naar hij dacht om te studeren. Hij werd evenwel benoemd als docent op het seminarie. Na 9 jaar keerde hij terug naar Nederland. Hij was pastor voor de Indonesische studenten. Hij woonde de laatste 20 jaar in Voorhout, op het terrein van de Broeders van Zeven Smarten. Hij werd daar omringd door mensen die hem liefdevol ondersteunden.
Hij bleef studeren op de pustaha, de oude handschriften op boomschors. Op basis van zijn gegevens hebben enkele studenten over zijn studieobjecten geschreven, iets dat hij zelf moeilijk kon. De belangrijke zaken over cultuur en geschiedenis van de Bataks liet hij na aan de universiteit van Leiden.
Toen hij meer zorg nodig had, verhuisde hij in 2011 naar ons kloosterverzorgingshuis in Tilburg. Hij paste zich wonderwel aan. Hij was dankbaar voor de goede zorgen, en dat heeft hem geholpen om langzamerhand alles los te laten. Zo is hij in alle eenvoud, op hoge leeftijd, gestorven.

Theogonius de JeuTheogonius Jan de Jeu
Geboren: te Leiden
Kapucijn: vanaf 1952
Gestorven: Op 6 juli 2012 in ons klooster te Tilburg/Korvel.
Begraven op het kloosterkerkhof aldaar.
Na zijn priesterwijding in 1958 ging hij in 1960 naar Tanzania. Omdat in die jaren de grenzen naar Indonesië gesloten waren voor Nederlanders gingen de Zwitserse kapucijnen een ruil aan met de Nederlandse provincie: zij hielpen in Indonesië en de Nederlanse kapucijnen in Tanzania.
Jan de Jeu vertrok naar het bisdom Mahenge in Tanzania, en heeft daar zijn verdere leven als missionaris tot 2008 gewerkt. Hij was overal inzetbaar. Hij leefde sober en gestreng, van de oude stempel. Hij had niets voor zichzelf nodig en is veel mensen dienstbaar geweest.
In 9 verschillende parochies is hij pastoor geweest. Vanaf 1978 was hij archivaris van het bisdom Kwiro. Daarna kreeg hij de geestelijke begeleiding van de zusters van het bisdom Mahenge erbij. Hij bezocht ontelbare mensen, bezocht kloosters, begeleidde postulanten en novicen - en dat is zeer noodzakelijk. Zijn gezondheid werd zwakker. Hij onderging enkele heupoperaties.
In 2008 keerde hij definitief terug omdat zijn geheugen steeds meer faalde. Dat was pijnijk voor hem. Hij bleef vriendelijk en dankbaar voor de zorg die hij in Tilburg kreeg. Zijn broer Teoforo, die missionaris is in Chili, bezocht hem en trok in 2010 een maand met hem op. In 2012 deed hij dat weer, maar hij met zijn familie moesten aanzien dat het leven van Jan als een kaars uitdoofde.
Jan was een broeder die zijn geestelijke achteruitgang met overgave droeg zonder klagen.

Werenfried van VenrooijWerenfried Thaddeüs Maria van Venrooij
Geboren: 13 december 1935 te Oisterwijk
Kapucijn: vanaf 1955
Overleden: 25 juli 2012 in ons klooster te Tilburg/Korvel.
Begraven: op ons kloosterkerkhof aldaar.
Bij zijn intrede bij de kapucijnen ontving hij de kloosternaam Werenfried. Hij behaalde gymnasium alfa en bèta en kreeg na zijn wijding in 1962 de opdracht biologie te studeren in Nijmegen. Hij moest biologieles gaan geven op het klein-seminarie in Oosterhout. Toen hij afgestudeerd was, was het seminarie opgeheven. Hij werd parttime wetenschappelijk medewerker natuurwetenschap en ethiek.
Hij is actief geweest in de kapucijnengemeenschap eerst als gardiaan van Nijmegen en Velp. Hij was provinciale overste van 1981-1987 en nog eens van 1993-1999. Hij was lid van meerdere commissies, hij was betrokken bij de oprichting van de oriëntatiebeweging en bij de vorming van Nederlandse en Vlaamse franciscaanse broeders in Eindhoven.
Werenfried was een doener. Hij was altijd onderweg, gedreven. Hij had iets rusteloos over zich en was doordoor niet altijd in staat goed te luisteren. Hij had altijd mensen om zich heen, zoals een echte extraverte persoon dat heeft. Hij vond het daarom leuk om telkens nieuwe mensen te leren kennen. Hij kon slecht met stilte en rust omgaan. Hij had veel energie en die heeft hij ingezet om anderen van dienst te zijn, in de kerk, in de kapucijnengemeenschap en in zijn familiekring. Hij kon moeilijk nee zeggen en hij is zeer velen nabij geweest in vieringen van huwelijk, doop en uitvaart.
Hij had graag bezoek. Hij hield de adressen bij van mensen bij wie hij gewoond en gewerkt had. Hij dacht aan verjaardagen en jubilea.
Op plaatsen als Overasselt, Nijmegen, Eindhoven, Den Bosch en Velp heeft hij wel afscheid genomen, maar hij is er nooit echt weggegaan. De laatste jaren, vooral na zijn longoperatie in 2007, ontleende hij veel kracht aan zijn vroegere functies en aan de vele herinneringen daaraan.
Hij bereidde zich samen met de vele vrienden en vriendinnen en familie voor op zijn dood en dat is voor beide kanten een zegen geweest.


Sjef Gaudentius SlaatsSjef Gaudentius Slaats
Geboren: 28 mei 1924 te Asten
Intrede bij de kapucijnen: 1943
Gestorven: 12 oktober 2012 in Tilburg
Begraven: op ons kloosterkerkhof in Tilburg/Korvel

In navolging van zijn oom, de kapucijn Aurelius Kerkers, werd hij kapucijn. Hij begon als predikant vanuit Enschede. Hij werd in 1954 voor de eerste keer gardiaan, eigenlijk iets te vroeg. Hij was gardiaan in Den Bosch en in Rilland. In 1960 werd hij pastor in Amsterdam. Van 1966-1968 was hij rector van Huize Padua in Boekel.
Van 1968-1988 was hij rector van de Tichelkerk en later 'ouderenpastor' voor de binnenstad van Amsterdam. Van 1988 tot 1993 was hij gardiaan in Breda. Hij werd daarna in Den Bosch uiterst secuur medewerker van de archivaris.
Toen zijn gezondheid minder werd, verhuisde hij naar ons kloosterverzorgingshuis in Tilburg.
Sjef was nauwgezet, vasthoudend en plichtsgetrouw. Doordat hij zonder veel ervaring vroeg gardiaan werd, werd hij een man van de wet. De verantwoordelijkheden drukten zwaar op hem. Met de jaren werd hij milder.
Voor zijn familie had hij bijzonder oog, zeker wanneer er pijnlijke zaken gebeurden. Die genegenheid was wederzijds.
Hij hield in het algemeen niet van veranderingen.
Na zijn actieve periode werd hij een accurate speurneus op allerlei gebied. Hij genoot daarvan. Hij verzorgde de Nieuwe Historische Ledenlijst van de kapucijnen van 1882-2002, bundelde alwat kapucijnen gezongen hadden bij feesten. Hij leerde omgaan met de computer. Hij maakte indexen voor het archief en stelde een enorm fotoarchief van personen samen. Hij wist hoeveel broeders er ooit ouder dan 90 jaar geworden waren enz.
Hij ploos dat allemaal met plezier uit. Hij beleefde nog even genoegen aan het leggen van legpuzzels, maar in het laatste jaar zakte zijn belangstelling weg. Hij werd zwakker, kreeg een pacemaker en kwam in een rolstoel terecht. Hij overleed toch nog plotseling op 12 oktober 2012.



of naar onze homepage